1. Ga naar navigatie
  2. Bekijk inhoud van de pagina
  3. Ga naar zoeken

Hitte-eilanden

 

Onderzoek naar hitte in de stad

 

Ouderen zijn een risicogroep als het gaat om het ontwikkelen van gezondheidsklachten door hitte. Vooral in steden kan de buitentemperatuur in de zomer sterk oplopen door het stedelijk hitte-eiland effect, waarbij een hoog percentage bebouwing overdag de warmte absorbeert en ’s avonds weer afgeeft.  Er is nog niet eerder onderzocht wat de relatie is met de binnentemperatuur. Dit onderzoek had als doel om te bekijken aan welke temperaturen ouderen in hun stadswoning worden blootgesteld, welke factoren van invloed zijn op een hoge temperatuur in de woning en hoe ouderen een warme periode beleven.

 

Gedurende de zomer van 2012 zijn in 112 woningen van ouderen in Arnhem en Groningen temperatuurmetingen uitgevoerd. Tijdens drie warme weken en een referentieweek werd aan deelnemers gevraagd een dagboekje in te vullen, waarin werd bijgehouden wanneer deelnemers de woning ventileerden, zonwering gebruikten en wat voor klachten zij eventueel ondervonden door hitte. In een warme week werd het in zowel woon- als slaapkamers gemiddeld 5° C warmer dan in een referentieweek, terwijl de temperatuur in sommige woningen opliep tot boven de
30° C, gemiddeld over een week. Er bleek een sterke relatie tussen buitentemperatuur en binnentemperatuur: bij woningen waar de buitentemperatuur één graad hoger lag was het binnen ook één graad warmer. Factoren die daarnaast het meeste invloed hadden op de binnentemperatuur in woon- en slaapkamer waren de locatie van de kamer, waarbij kamers direct onder het dak warmer werden dan kamers op de begane grond, en de hoeveelheid zoninval in de kamer, bepaald aan de hand van de totale raamoppervlakte aan zonzijdes. Meer dan de helft van de ouderen heeft last van de warmte in een warme periode, waarbij de mate waarin klachten gerapporteerd worden direct gerelateerd is aan de binnentemperatuur.

 

Uit het onderzoek blijkt dat de temperatuur in woningen gedurende de zomer sterk kan oplopen, en dat een groot deel van de ouderen hier hinder en klachten door ondervindt. Er kunnen op verschillende niveaus maatregelen getroffen worden:

 

1) het klimaatbestendiger maken van (een deel van) de stad, door het vergroten van de hoeveelheid groen

 

2) woningaanpassingen, zoals het vermijden van woonruimtes van ouderen direct onder het dak en het aanbrengen van goede buitenzonwering op ramen gericht op een zonkant

 

3) gedragsmaatregelen, waarbij het advies gegeven wordt om op warme dagen alleen ‘s nachts te ventileren, en vanaf zonsopkomst al zonwering te gebruiken.

 

Contactpersonen: Frans Duijm, (GGD Groningen) en Moniek Zuurbier (GGD Gelderland-Midden)

 

Zie ook het eindrapport, de factsheet en de presentatie.


Pers:

 


Je hebt javascript niet aan staan, of je browser ondersteunt geen javascript.

Deze website komt beter tot z'n recht wanneer javascript beschikbaar is. Ook Flash is niet beschikbaar zonder javascript.